Programma 2 Mobiliteit en Milieu

Inleiding

Dit programma beslaat de doelen en activiteiten die voortvloeien uit de wettelijke taak van de provincie als (vaar)wegbeheerder om haar infrastructuurnetwerken technisch en functioneel op orde te houden, kader­stellend beleid over de ontwikkeling hiervan vast te stellen, de bevoegdheid om aanpassingen aan de infrastructuur te realiseren (nieuwbouw en uitbreiding), de wettelijke taak voor het verlenen en beheren van concessies voor het regionaal openbaar vervoer en de inzet van de provincie die gericht is op het bereiken van een beter milieu met minder hinder. Het bestaande wegen- en vaarwegennet wordt daarbij op een sobere doelmatige wijze onderhouden zodat het gebruik van de (vaar)weg vlot en veilig kan plaatsvinden. Het personen- en goederenvervoer is in de afgelopen 25 jaar gegroeid met 50%. De files zijn in tien jaar met 50% toegenomen. Ook het aantal fietskilometers en fietsverplaatsingen is flink gegroeid.

Deze trend gaat naar verwachting door, enigszins geremd door afname van de bevolkingsgroei en door verminderde economische ontwikkeling. De randvoorwaarden die leefbaarheid en veiligheid stellen aan (auto)mobiliteit blijven een belangrijk onderwerp. Naar aanleiding van het regeerakkoord zet het kabinet in op een infrastructuur-/vervoerautoriteit in (delen van) de Randstad en is men voornemens de WGR+-regio's af te schaffen. Ook is een korting op de Brede Doeluitkering Verkeer en Vervoer opgenomen.

De provincie heeft een rol bij de kaderstelling en het uitvoeren van het milieubeleid. De taken liggen op het gebied van algemeen milieubeleid en specifiek voor luchtkwaliteit, externe veiligheid en geluid, waarbij de inzet van de provincie gericht is op zowel saneren en beheren als op ontwikkelen.

De uitvoerende taken van de provincie - vergunningverlening en handhaving - zijn ondergebracht bij de regionale uitvoeringsdiensten. Onder verantwoordelijkheid van Gedeputeerde Staten worden deze taken uitgevoerd, de provincie is opdrachtgever voor de regionale uitvoeringsdiensten.

Middeleninzet programma 2

Exploitatie

(bedragen x € 1.000)

Begroot 2012

Raming 2013

Raming 2014

Raming 2015

Lasten

427.822

453.363

441.747

426.725

Baten

134.167

129.149

118.465

109.473

Resultaat voor bestemming

-293.656

-324.214

-323.282

-317.252

Onttrekking reserves

30.387

49.859

34.144

14.479

Storting reserves

24.316

17.886

10.000

10.000

Resultaat na bestemming

-287.584

-292.241

-299.137

-312.773

 

Incidentele lasten en baten

(bedragen x € 1.000)

Begroot 2012

Raming 2013

Raming 2014

Raming 2015

Incidentele lasten

58.369

79.240

51.481

24.340

Incidentele baten

32.513

29.856

18.852

9.861

Resultaat voor bestemming

-25.856

-49.384

-32.628

-14.479

Onttrekking reserves

30.387

49.859

34.144

14.479

Storting reserves

14.316

7.886

0

0

Resultaat na bestemming

-9.785

-7.410

1.516

0