Paragraaf Weerstandsvermogen

1. Inleiding

De mate waarin de provincie (toekomstige) risico's financieel op kan vangen, wordt uitgedrukt in het weerstandsvermogen. Dit is de verhouding tussen de omvang van beschikbare weerstandscapaciteit (in euro's) en de omvang van een gekwantificeerde inschatting van risico's (in euro's). Deze paragraaf geeft een beschrijving van het weerstandsvermogen en de daaraan ten grondslag liggende weerstandscapaciteit en risico's.

De opbouw van de paragraaf is als volgt:

  • korte beschrijving van het beleid voor weerstandsvermogen (paragraaf 2);
  • herberekening van het weerstandsvermogen (paragraaf 3);
  • actualisatie van de weerstandscapaciteit (paragraaf 4);
  • actualisatie van de risico's (paragraaf 5).


2. Beleid met betrekking tot weerstandsvermogen, weerstandscapaciteit en risico's

Het beleid voor risicomanagement en weerstandsvermogen is vastgelegd in de gelijknamige door Provinciale Staten vastgestelde beleidsnota.[10] In de beleidsnota zijn onder andere de volgende beleidsregels opgenomen:

  • de norm voor het weerstandsvermogen bedraagt minimaal twee;
  • de algemene reserve bedraagt minimaal 30% van de som van de gekwantificeerde risico's met een minimum van € 30 mln;
  • tweemaal per jaar (bij Begroting en Jaarrekening) worden risico's en weerstandscapaciteit geïnventariseerd en het weerstandsvermogen herberekend.

De beleidsnota maakt een onderscheid tussen incidentele en structurele weerstandscapaciteit:[11]

  • De incidentele weerstandscapaciteit is bedoeld om calamiteiten en eenmalige gebeurtenissen (incidentele risico's) op te vangen en bestaat uit: 1) de algemene reserve; 2) programmareserves (exclusief de niet uit de balans blijkende verplichtingen).[12]
  • De structurele weerstandscapaciteit is bedoeld om tegenvallers op te vangen, die structureel doorwerken en bestaat uit: 1) de post onvoorzien; 2) het structurele begrotingssaldo en 3) de onbenutte belastingcapaciteit gecombineerd met heroverwegingen en/of bezuinigingen.

Als een risico zich voordoet, mag de weerstandscapaciteit alleen worden ingezet als dit risico tijdig was aangemeld voor de paragraaf weerstandsvermogen en er voldoende beheersmaatregelen zijn getroffen. In 2012 wordt de beleidsnota Risicomanagement en weerstandsvermogen herzien.[13] Hierbij zal onder andere de norm voor het weerstandsvermogen tegen het licht worden gehouden.


3. weerstandsvermogen

Het actuele weerstandsvermogen voor incidentele risico's bedraagt 4,9. Dit is ruim boven de voorgeschre­ven norm van 2,0. Bij de vorige meting (Jaarrekening 2010) was nog sprake van een weerstandsvermogen van 7,8. Het verschil kan met name verklaard worden door een afname van de programmareserves (en als onderdeel daarvan: het deel van de programmareserves dat inzetbaar is als weerstandscapaciteit). De omvang van gekwantificeerde risico's is ten opzichte van de Jaarrekening 2010 vrijwel gelijk gebleven.


4. Beschikbare weerstandscapaciteit

In onderstaande tabel staat de beschikbare weerstandscapaciteit voor het Begrotingsjaar 2012.

Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen de structurele en incidentele weerstandscapaciteit.

 

Incidenteel

Structureel

Middelen

2012

2013

2014

2015

2012

2013

2014

2015

Algemene reserve

56,2

56,2

56,2

56,2

x

x

x

x

Programmareserves

49,4

37,8

83,3

7,0

x

x

x

x

Structureel begrotingssaldo

x

x

x

x

0,0

7,6

14,5

6,2

Onvoorzien

x

x

x

x

0,5

0,5

0,5

0,5

Onbenutte belastingcapaciteit

x

x

x

x

33,0

38,2

43,5

48,8

Totaal

105,6

94,0

139,5

63,2

33,5

46,3

58,5

55,5

(bedragen x € 1 mln)

Op een aantal onderdelen volgt hieronder een toelichting.

Programmareserves

Ultimo 2012 bedraagt de omvang van de programmareserves € 197,6 mln.

Doordat circa 75% hiervan beklemd zal zijn in de vorm van een niet uit de balans blijkende verplichting, zal circa € 49,4 mln beschikbaar zijn als incidentele weerstandscapaciteit. De omvang van de programmareserves neemt de komende jaren af door uitvoering en afronding van projecten. Hiermee neemt ook de beschikbare weerstandscapaciteit als onderdeel van de programma­reserves af.

Onbenutte belastingcapaciteit

Het Rijk en provincies hebben in het Bestuursakkoord afgesproken om het wettelijk maximum voor het opcententarief met ingang van 2012 te verlagen van 123,0 naar 105,0 opcenten. Dit betekent dat de onbenutte belastingcapaciteit (als weerstandscapaciteit voor het opvangen van structurele risico's) sterk afneemt.


5. Inventarisatie risico's

Voor de Begroting is de stand van de risico's geïnventariseerd. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen kwantificeerbare en niet-kwantificeerbare risico's. De volgende categorieën worden onderscheiden: risico's als gevolg van rijksbeleid en wetgeving, financiële risico's, risico's op eigendommen/kapitaalgoederen en risico's als gevolg van bestuursbeslissingen. Risico's met een maximale schade vanaf € 1 mln zijn opgenomen in de Begroting; risico's met een maximale schade tussen de € 0,1 mln en € 1,0 mln zijn opgenomen in de Productenraming. Ten opzichte van de Jaarrekening 2010 zijn de volgende risico's vervallen in de Begroting:

  • claims aannemers (vanwege beperking maximale schade opgenomen in de Productenraming);
  • verontreiniging bagger/slib provinciale vaarwegen (verwerkt in nota Budgetbehoefte 2011-2015);
  • Europese Commissie betwist subsidiabiliteit uitgaven (risico vervalt voor projecten die hebben gelopen tot en met 2006, omdat de subsidiabiliteit tot uiterlijk 2011 betwist kan worden);
  • overdracht Muskusrattenbestrijding (vervallen vanwege afronding overgang in 2011).

Nieuw ten opzichte van de Jaarrekening zijn (beide opgenomen als niet-kwantificeerbaar):

  • meerkosten herinrichting Meeslouwerplas;
  • Derde Merwedehaven.

Vastgesteld door PS op 28 juni 2008 (besluitnummer 5958).
Onderstaande opsommingen geven (conform de beleidsnota) ook de volgorde weer waarin de onderdelen van de weerstandscapaciteit worden ingezet als een risico zich voordoet.
De stille reserves worden met ingang van de Jaarrekening 2008 niet meer meegenomen als onderdeel van de incidentele weerstandscapaciteit omdat sprake is van activa die niet snel verhandelbaar zijn (zie Jaarrekening 2008, pagina 103). Stille reserves kunnen eventueel wel worden ingezet als zekerheidsstelling bij het verkrijgen van extra middelen, mochten zich calamiteiten voordoen.
Conform de Financiële verordening wordt de herziene beleidsnota uiterlijk in juni 2012 aan PS ter vaststelling aangeboden.